In Geen categorie

Deze week werpen we een blik op twee verbeeldingen van slaap. Links zien we Rembrandts vroege schilderij Slapende oude man, uit 1629. Rembrandt vervaardigde dit werk toen hij nog in Leiden woonde en het is een mooi voorbeeld van het clair-obscur dat hij zou perfectioneren gedurende zijn loopbaan. Het schilderij is opgebouwd aan de hand van een bijzonder donker palet; we zien voornamelijk verschillende schakeringen zwart. Het sterk belichte gezicht van de slapende man vormt een duidelijk contrast met de donkere lagen kleding die hij aan heeft. De man is in diepe slaap verzonken, zijn hoofd steunend op zijn linkerhand, zijn mond lichtjes open in volledige ontspanning. Het is gesuggereerd dat de verbeelding van deze slapende man symbool staat voor lusteloosheid. Links op het paneel kunnen we een klein haardvuur onderscheiden, aangezet met dieprode verfstreken.

Dalí’s schilderij laat een volledig andere versie van diepe slaap zien. Om te beginnen, is het palet tegenovergesteld aan dat van Rembrandt; de achtergrond wordt gedomineerd door pastelkleuren, dat aan de randen overgaat in een diepe kleur blauw en zwart. Dalí laat in zijn schilderij de overgang van bewustzijn naar de overgave aan de slaap zien. Hij zei hier zelf het volgende over: “Ik heb me het monster van de slaap vaak voorgesteld als een zwaar, gigantisch hoofd met een spits toelopend lichaam, dat omhoog word gehouden door de krukken van realiteit. Wanneer de krukken breken, voelt het alsof we vallen.”

Rembrandt, Slapende oude man, 1629 (Galleria Sabauda, Turijn) en Salvador Dalí, Le sommeil (slaap), 1937 (Privécollectie)

Rembrandt, Slapende oude man, 1629 (Galleria Sabauda, Turijn) en Salvador Dalí, Le sommeil (slaap), 1937 (Privécollectie)

Recente berichten

Geef een reactie