Lezingen & Events

Museum Het Rembrandthuis organiseert regelmatig leuke en verdiepende activiteiten. Bekijk hieronder de agenda.

Workshops exclusief voor Museumkaarthouders

In de interactieve tentoonstelling Laboratorium Rembrandt in Museum Het Rembrandthuis leer je hoe Rembrandt werkte. Kijk mee over de schouders van onderzoekers en ontdek welke geheimen zich onder het oppervlak van Rembrandts kunstwerken verschuilen. Dankzij de speciale Rembrandt Junior Lab-route is deze tentoonstelling geschikt voor zowel volwassenen als kinderen vanaf 6 jaar.

In de exclusieve workshop maken ouders en kinderen een portrettekening van elkaar, waar vervolgens een echte ets van wordt gemaakt – net zoals Rembrandt dat deed. Voor of na de workshop bezoek je samen de tentoonstelling met een speciale speurtocht. Na afloop ontvangen de kleine ontdekkers nog een leuke verrassing.

Praktische informatie

De workshops vinden plaats in de kerstvakantie. De workshops starten steeds om 13.00 en 14.00 uur, en duren een uur. Deelname aan de workshop is gratis. Het aantal plaatsen is echter beperkt, dus wees er snel bij. Reserveren is verplicht via onderstaande links:

Reserveer een plek in de Kerstvakantie (23, 27 t/m 30 december 2019 en 2 en 3 januari 2020)

 

Geweest

Rembrandthuis start Rembrandtjaar met het Rembrandt Festival

Rembrandts leven en werk worden gevierd met het Rembrandt Festival, gratis en voor iedereen toegankelijk in de Jodenbreestraat. Op 2 februari 2019 van 12.00 tot 21.00 uur kun je ‘bij Rembrandt in de straat’ terecht voor een straatfestival met artistieke odes aan de Hollandse meester. De NOS maakt speciaal voor deze gelegenheid het programma ‘NOS: Opening Rembrandtjaar’, dat wordt uitgezonden tussen 21.35 en 22.20 uur op NPO1. Het museum blijft zaterdag open tot 22:00 uur! 

Op 2 februari staat de Jodenbreestraat volledig in het teken van Rembrandt!

In 2019 is het exact 350 jaar geleden dat Rembrandt is overleden. Museum Het Rembrandthuis organiseert de Amsterdamse kick-off van het landelijke themajaar Rembrandt en de Gouden Eeuw. De Jodenbreestraat was het centrum van Rembrandts succes. Hier woonde en werkte de kunstenaar bijna twintig jaar, van 1639 tot 1658.

Rembrandts leven en werk worden gevierd met het Rembrandt Festival, gratis en voor iedereen toegankelijk in de Jodenbreestraat. Op 2 februari 2019 van 12.00 tot 21.00 uur kun je ‘bij Rembrandt in de straat’ terecht voor een straatfestival met artistieke odes aan de Hollandse meester.

De NOS maakt speciaal voor deze gelegenheid het programma ‘NOS: Opening Rembrandtjaar’, dat wordt uitgezonden tussen 21.35 en 22.20 uur op NPO1.

Gouden kaders

De straat wordt ondergedompeld in goud met tientallen gouden lijsten. Wie dichterbij komt, vindt in de kaders 350 bijzondere inzichten en leuke weetjes over Rembrandt en zijn tijd, in de context van nu. Het wordt hierdoor tevens de ideale spot voor een selfie met een gouden randje: maak jij net zo’n mooi “portret” als Rembrandt?

  • Begin 20e eeuw woonde kunstenaar Jozef Israëls in de Jodenbreestraat. Hij was onder de indruk van de buurt en waande zich in de tijd van Rembrandt. ‘Het was alles Rembrandt, het was alles Rembrandtiek’ (uit De Gids 70, 1906).

    3#350

  • Rembrandt was verslaafd aan verzamelen. Hij verzamelde zowel kunstwerken, munten, opgezette dieren, zwaarden en helmen, als bustes van Romeinse keizers en Griekse filosofen.

    110#350

  • Niet één, maar wel 50 Rembrandts onder je bed. Het was geen droom, maar wel een goed bewaard geheim. De eigenaar had de etsen altijd onder zijn bed bewaard, zijn zoon erfde de collectie en legde het ook weer onder zijn bed. Na zijn dood is het werk in juni 2016 bij Christie’s in Londen geveild.

    83#350

  • Rembrandt heeft ongeveer 300 etsen gemaakt. Museum Het Rembrandthuis heeft bijna de gehele collectie compleet.

    207#350

  • Iedere stof heeft een eigen ‘uitdrukking’. Een bont randje, een fluwelen mantel, een Perzisch tapijt – Rembrandt schilderde de stof zo, dat je bijna voelt hoe dik of dun het materiaal is.

    245#350

  • Rembrandt was de zoon van een molenaar en een welgestelde bakkersdochter. De molen van zijn vader stond in Leiden aan de oude Rijn. Zo kwam de familie aan de achternaam Van Rijn.

    223#350

  • Rembrandt had zijn marketing al vroeg op orde. Vanaf 1633 signeerde hij alleen nog maar met zijn voornaam net als de grote Italiaanse schilders Titiaan en Rafaël, een merk was geboren.

    5#350

  • In ‘de Pijp’ in Amsterdam struikel je bijna over Rembrandts leerlingen! Govert Flinckstraat, Gerard Doustraat, Ferdinand Bolstraat. Om maar een paar jonge talenten te noemen die bij Rembrandt in de leer zijn geweest.

    95#350

  • Historieschilders stonden hoger in aanzien dan portretschilders. Voor het schilderen van Bijbelse, historische en mythologische voorstellingen moest je over veel vernuft en creativiteit beschikken om het verhaal juist af te beelden. Rembrandt was een multitalent en blonk in beide genres uit.

    123#350

  • Zelfportret als de apostel Paulus uit 1661 is het enige zelfportret van Rembrandt als historisch figuur. De kunstenaar schilderde de heilige meerdere malen. Paulus is altijd te herkennen aan zijn attributen; een zwaard en een manuscript.

    156#350

  • Twee weken voor Saskia’s dood stelde zij een testament op. Titus was de enige erfgenaam en Rembrandt was zijn voogd. Vanuit die hoedanigheid had Rembrandt recht op het vruchtgebruik van de erfenis. Voorwaarde was wel dat hij niet hertrouwde.

    14#350

  • Voor Franse kunstenaars in de 19e eeuw, zoals Édouard Manet, Edgar Degas, Odilon Redon en Théodore Rousseau was Rembrandt een grote inspiratiebron.

    1#350

  • Een tube met verf bestond nog niet in de Gouden Eeuw. Schilders maakten zelf hun verf. In het atelier werden pigmenten samen met lijnzaadolie tot verschillende kleuren verf gewreven.

    180#350

  • Rembrandt woonde in deze buurt tussen Vlaamse immigranten, Portugese Joden en kunstenaars. In het Amsterdam van Rembrandt kwam een op de drie inwoners, oorspronkelijk ergens anders vandaan.

    329#350

  • Voordat Rembrandt het huis op de Jodenbreestraat kocht, woonde hij tussen 1637 - 1639 op Vlooijenburg in ‘De Suykerbackerij’. Niet de mooiste locatie, maar er was wel veel werkruimte.

    50#350

  • Rembrandts huis op de Jodenbreestraat was een drukke ontmoetingsplek voor zowel familieleden, kunstliefhebbers, kopers, opdrachtgevers en uiteraard zijn leerlingen.

    9#350

  • Iedereen die op een groepsportret van Rembrandt stond, betaalde mee aan de kosten. Hoe groot je op het schilderij stond en hoeveel verf er nodig was, bepaalde het prijskaartje. Ongeveer 100 gulden per persoon is een gangbaar bedrag.

    159#350

  • De etsen van Rembrandt hebben ook Spaanse kunstenaars, zoals Goya (1746 – 1828) en Picasso (1881 – 1973) beïnvloed.

    210#350

  • De etsen van Rembrandt droegen al vroeg bij aan zijn bekendheid. De vele reproducties van zijn werk verspreiden het genie van de jonge kunstenaar al snel onder een breed publiek.

    75#350

  • Zittend, staand, gezicht frontaal of van opzij; Rembrandt oefende vaak met verschillende poses. Al die verschillende houdingen waren ook voor zijn vele leerlingen een bron van inspiratie.

    30#350

  • Rembrandt was een krenterige, nurkse man, die zijn geld nooit in het café uitgaf. Dat schreef zijn biograaf Arnold Houbraken over de grote meester in 1721. Rembrandt spendeerde zijn geld liever aan de kunst.

    194#350

  • De liefdevolle manier waarop Rembrandt zijn dierbaren, zoals zijn moeder, maar ook zijn vrouw Saskia en zoon Titus schilderde, was een reflectie van de intimiteit en de onderlinge vertrouwensband.

    280#350

  • Grote opengeslagen boeken, een opgerold manuscript of een simpele brief, verhalenverteller Rembrandt paste verschillende vormen van het geschreven woord in zijn werk toe.

    335#350

  • Het vroege werk van Rembrandt is vaak met initialen ondertekend. Een simpele R, RH of RHL voldeed. Toen Rembrandt in Amsterdam ging werken, voegde hij Van Rijn toe aan zijn signatuur. In 1632 ondertekende hij voor het eerst alleen met zijn voornaam Rembrant, zonder d. Een jaar later verscheen de naam Rembrandt onder zijn werk.

    11#350

  • Rembrandt kreeg goed betaald voor zijn opdrachten, maar gaf meer uit dan er binnen kwam… onder meer aan zijn verzamelingen en hij leende daar ook geld voor. Het ging mis, toen in 1656 verschillende schuldeisers hun geld wilden zien. Rembrandt ging failliet en moest alles verkopen. Ze verhuizen dan naar de Rozengracht.

    128#350

  • Rembrandt schilderde graag zijn familie. Hij maakte bijzondere portretten van zijn vader de oude molenaar, zijn moeder, zijn geliefdes en zijn zoon Titus.

    204#350

  • Beter goed gejat, dan slecht bedacht. Rembrandt was niet de enige de met grote licht-donker contrasten werkte. De Italiaanse Caravaggio was er al beroemd mee geworden en had vele navolgers. Maar Rembrandt zette de techniek naar zijn eigen hand en werd zelf trendsetter.

    27#350

  • De term die onlosmakelijk met Rembrandts werk is verbonden, is clair obscure of in het Italiaans; chiaroscuro. Deze term wordt gebruikt voor de grote licht-donker contrasten in zijn schilderijen, etsen en tekeningen.

    81#350

  • De leerlingen van Rembrandt hielpen de meester met de productie van schilderijen. Er waren gemiddeld vier leerlingen tegelijkertijd in de leer. Rembrandt heeft tientallen kunstenaars opgeleid.

    13#350

  • Een van de welgestelde Joodse buurmannen van Rembrandt was de arts Ephraim Bueno. Hij woonde in de Houtkopersgracht, op het eiland Vlooijenburg. Rembrandt maakte twee portretten van Bueno; een schilderij en een ets.

    220#350

  • Zoals Rembrandt excelleerde in Nederland, zo maakte Peter Paul Rubens furore in de Zuidelijke Nederlanden. In 1830 werd Rubens bij de onafhankelijkheid van België tot nationale held gekozen. Twee decennia later was de onthulling van het standbeeld van Rembrandt in Amsterdam een feit. Ieder land zijn eigen held.

    311#350

  • Rembrandt was de meester van de ‘selfies’, hij heeft ongeveer 80 zelfportretten gemaakt. Hij experimenteerde veel met verschillende gezichtsuitdrukkingen, composities en licht-donker contrasten.

    146#350

  • Rembrandt was niet alleen portretschilder, hij schilderde ook historiestukken met Bijbelse en mythologische verhalen.

    24#350

  • Voordat Rembrandt en Saskia in de Jodenbreestraat gingen wonen, woonden zij een tijd in de Nieuwe Doelenstraat; ter hoogte van het huidige Café De Jaren.

    100#350

  • Etsen betekent letterlijk invreten. Na het maken van een tekening in een waslaag op een koperen plaat, gaat deze in een zuurbad. Het zuur vreet zich in, op de plekken waar geen was zit. Zo ontstaan de getekende groeven. Daarna wordt de inkt in de groeven aangebracht en wordt de afbeelding op vochtig papier afgedrukt.

    249#350

  • Rembrandt was een krullenkop! Op een vroeg zelfportret benadrukte de schilder zijn krullen door in het haar, met de achterkant van zijn penseel, in de natte verf te krassen.

    37#350

  • Gerard Dou was Rembrandts eerste leerling in het atelier in Leiden. In die tijd schilderde Rembrandt nog zeer verfijnd en precies. Zelf bleef Gerard Dou altijd in deze stijl werken, hij behoorde dan ook tot de groep Leidse fijnschilders.

    71#350

  • Een baret met pluim, een bontmuts, een tulband of een hoed. Rembrandt varieerde eindeloos met hoofdtooien op zijn ‘selfies’.

    214#350

  • Als er iemand een veelzijdig kunstenaar was, dan was Rembrandt het wel. Behalve dat hij goed schilderde, blonk hij ook uit in etsen en tekenen.

    45#3450

  • Vaak werkte Rembrandt na een eerste afdruk nog verder aan een ets. Bijvoorbeeld door met een droge naald direct op de koperen plaat te tekenen. Als er vervolgens een nieuwe afdruk werd gemaakt, heette dat een ‘tweede staat’. Soms maakte Rembrandt van een ets wel tien staten.

    90#350

  • De welgestelde en invloedrijke Jan Six was beschermheer en opdrachtgever van Rembrandt. De mannen kwamen uit verschillende sociale klassen, maar zij deelden de liefde voor de kunsten; dat bezegelde hun vriendschap.

    118#350

  • Rembrandts schilderij De geslachte Os was een grote bron van inspiratie voor kunstenaar Francis Bacon. Ongeveer drie eeuwen later schilderde hij zijn eigen doorleefde versie van het karkas.

    230#350

  • Rembrandt schilderde veel tronies. Van wie het hoofd was, deed er eigenlijk niet toe. Het was veel meer een oefening om bijvoorbeeld een gezichtsuitdrukking, de lichtinval of de stofuitdrukking vast te leggen.

    7#350

  • Met röntgenapparatuur is het mogelijk om dóór verf heen te kijken. Soms blijkt er onder een schildering een andere afbeelding verstopt. Informatie die belangrijk is voor restauraties, onderzoek en om te bepalen of het schilderij wel een échte Rembrandt is.

    164#350

  • In de periode 1950-1970 sierde Rembrandt het bankbiljet van duizend gulden. Hij werd met schildersbaret en penselen afgebeeld. Op de overige bankbiljetten stonden andere belangrijke figuren uit de Vaderlandse geschiedenis, zoals Hugo de Groot en Joost van den Vondel.

    292#350

  • Rembrandt nam geen beginners aan. Zijn leerlingen hadden al een eerste scholing achter de rug, als zij bij hem in de leer gingen.

    348#350

  • Een atelier op het Noorden is de droom van iedere schilder. Je hebt geen last van wolken die voor de zon schuiven of fel zonlicht. De hele dag is er gelijkmatig licht. Ga maar kijken in Rembrandts atelier in Museum Het Rembrandthuis.

    21#350

  • Rembrandt was bij uitstek iemand van #nofilter, hij maakte de mensen niet mooier dan ze waren. In zijn tijd was niet iedereen even gecharmeerd van al dat realisme.

    73#350

  • Van alle zelfportretten die Rembrandt heeft gemaakt, is Zelfportret met oosterse kleding en poedel uit 1631, het enige werk, waarop de kunstenaar van top tot teen is afgebeeld.

    86#350

  • Om na het faillissement de schuldeisers op afstand te houden, waren Hendrickje en Titus de eigenaren van de kunsthandel op de Rozengracht. Formeel werkte Rembrandt in opdracht van hen.

    106#350

  • Al bijna vier eeuwen lang genieten mensen van Rembrandts fantastische levendige kunstwerken, waarin licht en donker de sleutel zijn van het succes.

    139#350

  • In de tentoonstelling Rembrandt en het Mauritshuis in Den Haag zijn dit jaar 18 schilderijen te zien, die als werken van de meester in de collectie zijn gekomen. Een aantal werken is later toegeschreven aan andere kunstenaars. Voor het eerst hangen al deze werken zij aan zij met de echte Rembrandts uit de museumcollectie.

    344#350

  • Rembrandt interesseerde zich niet alleen in Bijbelse figuren. Ook een bedelaar, een kaartspeler of lokale pannenkoekenbakster waren een bron van inspiratie voor zijn werk.

    6#350

  • Het dagelijks leven van een leerling van Rembrandt bestond vooral uit het reproduceren van werken van de meester. Sommigen waren daarin zo bedreven, zoals Govert Flinck, dat een schilderij van hem, voor werk van Rembrandt werd aangezien.

    150#350

  • In Rembrandts geboorte stad Leiden organiseert de Lakenhal later dit jaar de tentoonstelling Jonge Rembrandt met Rembrandts vroege werk. De tentoonstelling geeft een beeld van het ontluikende kunstenaarsgenie, waarin Rembrandts werk wordt omringd door schilderijen van zijn leermeesters.

    77#350

  • Regelmatig bezocht Rembrandt veilingen, hij kocht etsen van andere kunstenaars ter inspiratie én voor zijn eigen kunsthandel.

    200#350

  • Rembrandt hield wel van een verkleedpartij. Hij had verschillende historische kostuums in zijn verzameling, die hij droeg als hij zichzelf portretteerde. Gewoonlijk droeg Rembrandt een tabbaard, een lange en comfortabele huisjas.

    119#350

  • Rembrandt was een strenge leermeester. Hij zag tekenen net als leren lopen. Alleen door veel te oefenen, kreeg je het in de vingers.

    23#350

  • Vanaf half februari is in het Rijksmuseum de tentoonstelling Alle Rembrandts te zien. Het museum toont alle werken van Rembrandt uit eigen collectie, zowel schilderijen, etsen als tekeningen. Alle facetten van de kunstenaar worden in de tentoonstelling belicht.

    170#350

  • Voor het fikse bedrag van 100 gulden kon je een jaar bij Rembrandt in de leer. Veel bekende kunstenaars leerden bij hem het vak, zoals Gerard Dou, Ferdinand Bol en Carel Fabritius.

    238#350

  • Een gedeelde passie was belangrijk voor Rembrandt in zijn vriendschappen. Hij trok er bijvoorbeeld graag op uit om samen met vrienden te tekenen in de natuur.

    12#350

  • Rembrandt maakte in zijn leven maar één geëtst stilleven. De ‘conus marmoreus’ was het dankbare onderwerp, een bijzondere schelp met grafisch patroon uit de collectie van de kunstenaar.

    103#350

  • Een tulband is eigenlijk een kroon van stof. Rembrandt was dol op deze Oosterse dracht. Zorgvuldig drapeerde hij de eindeloze meters materiaal op zijn eigen hoofd of bij een model. Om daarna de ingewikkelde hoofdtooi in olieverf tot leven te brengen.

    195#350

  • Het atelier van kunsthandelaar Hendrick Uylenburg werd ‘de portrettenfabriek’ genoemd.

    340#350

  • In de 17e eeuw stierf een op de vijf kinderen binnen het eerste levensjaar. Voor zowel moeder als kind, was een bevalling een hachelijke gebeurtenis. Drie van de vier kinderen van Rembrandt en Saskia overleefden de wieg niet.

    2#350

  • Op het gebied van de portretschilderkunst had Rembrandt een geduchte concurrent. Bartholomeus van der Helst was gespecialiseerd in portretten. Zijn fijne en precies geschilderde portretten vielen in de smaak bij de gegoede burgerij.

    144#350

  • Cornelia, de dochter van Rembrandt en kleinkind Titia waren de enige twee nazaten van Rembrandt.

    16#350

  • Op hun verlovingsdag, 8 juni 1633, maakte Rembrandt een tekening van Saskia. Nergens is ze zo knap en jong afgebeeld, als op dit liefdevolle kleine portret. Getooid met een strooien hoed, haar gezicht gesteund door haar hand, kijkt ze geamuseerd de wereld in.

    93#350

  • Rembrandt combineerde wonen en werken op de Jodenbreestraat. Het atelier was de grootste kamer van het huis. Zijn leerlingen woonden niet bij hem in, maar hadden er wel eigen werkplekken.

    217#350

  • ‘Dat is waer ick Ben, godt loff, in goede Dispositie ende wel te pas’. Zo verklaarde Rembrandt aan de notaris op 26 juli 1632. Voor een levensverzekering moest de notaris controleren of de kunstenaar nog ‘fris en kloeck’ was.

    88#350

  • Geertje, het liefje van Rembrandt, klaagde hem aan omdat hij zijn trouwbelofte niet nakwam. Op zijn beurt beschuldigde hij Geertje van het verpanden van Saskia’s sieraden. Met succes liet Rembrandt haar in 1650 opsluiten in het spinhuis, een tuchthuis voor vrouwen, in Gouda.

    57#350

  • Saskia van Uylenburg is begraven in de Oude kerk. Ieder jaar op 9 maart om precies 9 over half 9 ’s ochtends valt er een zonnestraal op haar grafsteen.

    234#350

  • Rembrandt was een goede observator. Veel mensen maken als ze praten, gebaren met hun handen om hun woorden extra kracht bij te zetten. Hij gebruikte zo’n gesticulerende hand heel vaak in zijn werk, als element van de levendigheid. Kijk maar naar Kapitein Frans Banninck Cocq op De Nachtwacht.

    161#350

  • Rembrandt was op meerdere vlakken een trendsetter. Zelf droeg hij bijna altijd een baret. Dit is later hét kenmerk geworden voor schilders.

    350#350

  • Een van de eerste werken die Rembrandt schilderde, toen hij bij Hendrick Uylenburg werkte, was De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp. Zijn keuze voor compositie, licht en expressie bij dit onderwerp was nooit eerder vertoond.

    276#350

  • Al eeuwen dood en tóch springlevend. Dat is maar weinig mensen gegeven. Daarmee staat Rembrandt op gelijke voet met Shakespeare en Beethoven.

    39#350

  • Bepaalde onderwerpen komen meermaals terug in Rembrandts oeuvre. Zo schilderde Rembrandt zijn geliefde vrouw Saskia twee keer als Flora, de Romeinse godin van de lente en de bloemen.

    92#350

  • Rembrandt hing in zijn huis kunstwerken, van zichzelf en van anderen, per onderwerp bij elkaar. Alle landschappen samen, verschillende portretten op één wand – hij maakte een soort ‘mega moodboard’, ter vergelijking en inspiratie.

    251#350

  • Toen Rembrandt in 1631 definitief van Leiden naar Amsterdam verhuisde, vertrok zijn Leidse kompaan Jan Lievens naar Engeland om daar als schilder aan de slag te gaan.

    172#350

  • Het huidige Rembrandtplein stamt uit 1655. Op deze plek, eerst Reguliersplein en later Botermarkt geheten, werd levendig gehandeld in melk, boter en kippen.

    4#350

  • De vernislaag van het schuttersportret van de Compagnie van Frans Banninck Cocq was zo donker geworden, dat het schilderij De Nachtwacht werd genoemd. De vernislaag werd verwijderd, de bijnaam bleef.

    337#350

  • Rembrandt kon de werkelijkheid niet verfraaien, alleen maar intensiveren. Een knobbelneus, diepe rimpels of grote kin – met een paar verfstreken vereeuwigde hij de realiteit.

    154#350

  • Op 19 juni 1642 is Saskia Uylenburgh, ‘huijsvrou van Rembrant van rijn komt van de brestraet’ begraven in de Oude Kerk. Uit geldnood moest Rembrandt in 1662 het graf van Saskia verkopen. Na onderzoek is er in 1953 een nieuwe grafsteen voor Saskia geplaatst.

    91#350

  • Gesteven, geplooid, groot of plat - een kanten kraag was helemaal in de mode in de Gouden Eeuw, zowel voor mannen, als vrouwen. Rembrandt schilderde met genoegen iedere soort kraag in een handomdraai.

    221#350

  • Elk nadeel heeft zijn voordeel. Omdat Rembrandt in 1656 failliet is verklaard, is zijn gehele inventaris vastgelegd. Een waardevolle bron voor onderzoekers én voor de herinrichting van het Rembrandthuis.

    26#350

  • Op initiatief van schilders Jozef Israëls en Jan Veth werd het Rembrandthuis een museum. In 1911 werd het museum door koningin Wilhelmina geopend.

    242#350

  • De gegoede burgerij was een nieuwe doelgroep voor Nederlandse kunstenaars in de Gouden Eeuw. De welgestelde burgers gaven portretopdrachten, maar kochten ook werk op de ‘vrije markt’. Daardoor specialiseerden kunstenaars zich op specifieke onderwerpen, zoals bloemstillevens, zeegezichten of interieurs. De eigenwijze én veelzijdige Rembrandt beperkte zich niet tot één genre.

    97#350

  • Op hun verlovingsdag, 8 juni 1633, maakte Rembrandt een tekening van Saskia. Nergens is ze zo knap en jong afgebeeld, als op dit liefdevolle kleine portret. Getooid met een strooien hoed, haar gezicht gesteund door haar hand, kijkt ze geamuseerd de wereld in.

    313#350

  • In 1669, Rembrandts laatste levensjaar, schilderde de meester nog drie zelfportretten.

    185#350

  • Een van de eerste werken die Rembrandt schilderde, toen hij bij Hendrick Uylenburg werkte, was De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp. Zijn keuze voor compositie, licht en expressie bij dit onderwerp was nooit eerder vertoond.

    32#350

  • Ken jij het schilderij Schutters van Wijk II onder Frans Banninck Cocq? Vast wel! Het is de oorspronkelijke titel van De Nachtwacht

    108#350

  • Vincent van Gogh zag in 1885 in het Rijksmuseum het Joodse Bruidje van Rembrandt. Van Gogh schreef in een van zijn brieven dat hij tien jaar van zijn leven zou geven om twee weken, met enkel een droog stuk brood, voor het schilderij te mogen blijven zitten.

    302#350

  • Waar komt een schilderij te hangen? Op ooghoogte of juist meer boven aan de wand? Hoe komen mensen de ruimte binnen? Rembrandt dacht eerst over dit soort dingen na, voordat hij met een opdracht aan de slag ging.

    17#350

  • De Jodenbreestraat dankt zijn naam aan de grote aantallen Joodse immigranten die hier hebben gewoond. De Sefardische Joden uit Portugal en Spanje kwamen als eerste naar deze buurt. Later kwamen ook de Asjkenazische Joden uit Duitsland en midden-Europa naar Amsterdam. Rembrandt heeft verschillende belangrijke Joodse buren geportretteerd.

    225#350

  • Bier drinken was heel gewoon in de Gouden Eeuw. Een litertje per dag keek niemand van op. Zelfs kinderen dronken het lichte bier. Het was in die tijd gezonder om bier te drinken dan vervuild water. Rembrandts lunch bestond uit bier, brood en haring.

    346#350

  • Het dubbele huis op de Jodenbreestraat (het huidige Museum Het Rembrandthuis) stond al enige tijd te koop. Daarom kreeg Rembrandt een gunstige betalingsregeling, toen hij het huis kocht in 1639.

    76#350

  • Geertje Dircks kwam na het overlijden van Saskia in huis op de Jodenbreestraat. Geertje was  een ‘droge min’. Een min geeft borstvoeding aan het kind van een ander. Geertje gaf geen borstvoeding, maar zorgde wel voor baby Titus.

    15#350

  • Rembrandt was 63 jaar oud, toen hij stierf. Er was geen geld voor een eigen graf, de grote meester belandde in een massagraf in de Westerkerk.

    174#350

  • Rembrandt kreeg goed betaald voor zijn opdrachten, maar gaf meer uit dan er binnen kwam… onder meer aan zijn verzamelingen en hij leende daar ook geld voor. Het ging mis, toen in 1656 verschillende schuldeisers hun geld wilden zien. Rembrandt ging failliet en moest alles verkopen. Ze verhuizen dan naar de Rozengracht.

    306#350

  • Rembrandt was een ‘gevoelig conterfeyter’. Conterfeyten is in de 17e eeuw een gangbaar woord voor schilderen, in de zin van namaken, afbeelden of portretteren.

    94#350

  • In Rembrandts tijd bestond de wc nog niet. Men deed zijn behoefte op een poepemmer die dan werd geleegd in de gracht of goot. De welgestelden hadden een eigen beerput. Bij een verbouwing van Museum Het Rembrandthuis is een  gemetselde beerput ontdekt.

    116#350

  • Pas in de tweede fase van hun leertijd gingen leerlingen zelf ontwerpen en schilderen. De werken van de leerlingen waren eigendom van de meester. Na enige correcties, indien nodig, verkocht Rembrandt deze kunstwerken vervolgens via zijn kunsthandel.

    8#350

  • Een man die zijn stoel achteruit schuift, een hond die blaft en een oude vrouw die een boek leest. Rembrandt kon beweging treffend weer te geven.

    52#350

  • Leiden – Amsterdam is tegenwoordig een treinreis van een half uur. Rembrandt deed in zijn tijd iets langer over deze afstand. Hij reisde per boot over het Haarlemmermeer van en naar zijn geboortestad Leiden. Afhankelijk van weer en wind was het altijd maar weer de vraag hoe lang de reis duurde.

    260#350

  • Zoon Titus was nog maar een half jaar getrouwd met Magdalena van Loo, toen hij stierf aan de pest. Magadalena was toen drie maanden zwanger.

    324#350

  • Niet getrouwd, wel samenwonend. Schande! De Kerkenraad betichtte Hendrickje, de geliefde van Rembrandt, van hoererij. Voor straf mocht zij niet deelnemen aan het Avondmaal. Drie maanden later werd Cornelia geboren, de liefdesbaby van Hendrickje en Rembrandt.

    264#350

  • Een naakte vrouw op een schilderij werd vroeger vaak als een Griekse godin afgebeeld; alles perfect in proportie. Rembrandt deed dat anders en schilderde alle rondingen ‘naar het leven’, gewoon een écht vrouwenlichaam.

    66#350

  • Toen Rembrandt zich in 1631 in Amsterdam vestigde, kende hij deze buurt al goed. Want in 1624 was hij al een half jaar in de leer bij schilder Pieter Lastman in de Sint Antoniebreestraat.

    113#350

  • Normaal gesproken, werd bij een anatomische les eerst de buik van het lijk geopend om de ingewanden bloot te leggen. Zo niet bij De anatomische les van Rembrandt, daar is alleen de linker onderarm van het lijk ontleed. Dr. Nicolaes Tulp toont op het schilderij de werking van de armspieren aan de chirurgijnen.

    240#350

  • In 1656 had Rembrandt zoveel schulden, dat hij zijn boedel moest verkopen. Behalve wat keukengerei en schilderspullen, werd alles bij ‘De Keyserskroon’ in de Kalverstraat geveild.

    288#350

  • Rembrandt was de enige jongen van het gezin en daarom was het van belang, dat hij ging studeren. Hij ging eerst naar de Latijnse school om de taal te leren en de klassieke oudheid te bestuderen. Toen bleek dat hij een enorm tekentalent had, mocht Rembrandt, 14 jaar oud, van zijn ouders in de leer bij de Leidse schilder Jacob van Swanenburgh.

    20#350

  • Of Rembrandt nu een bokje, leeuw, olifant of poedel afbeeldde, ieder dier wist hij treffend te vatten in verf, krijt of inkt. Hij moet wel een echte dierenvriend zijn geweest.

    111#350

  • Rembrandt portretteerde zijn moeder als een lezende vrouw, de lichtreflectie van het boek valt prachtig op haar gezicht. Dat zij geen letter kon lezen, doet daar niets aan af.

    332#350

  • In 1658 moesten Rembrandt, Hendrickje, Titus en Cornelia noodgedwongen het Rembrandthuis verlaten, vanwege het faillissement. Ze verhuisden toen naar de Rozengracht in de Jordaan.

    99#350

  • De Staalmeesters uit 1662 is het laatste groepsportret dat Rembrandt schilderde. Het werk hing tot 1771 in de Staalhof op de Groenburgwal, om de hoek van waar we zijn. In de Staalhof keurde het Amsterdamse Lakengilde de kwaliteit van de stalen stof uit de lakenindustrie.

    232#350

  • Rembrandts vroege werken zijn vaak op klein formaat, kleurrijk en verfijnd geschilderd, de schilderijen uit de latere periode zijn veel groter, eentoniger van kleur en vaak grof geschilderd.

    319#350

  • Doek, hout, koper – Rembrandt schilderde op verschillende materialen. Soms zijn de formaten van de werken later aangepast. De Nachtwacht, op doek, is nu bijvoorbeeld een stuk kleiner dan het oorspronkelijke formaat.

    41#350

  • Rembrandt ontving in 1667 Cosimo de Medici, groothertog van Toscane in zijn schamele huis op de Rozengracht. De Medici kocht toen een zelfportret van de ‘pittore famoso’ (beroemde schilder). Tegenwoordig hangt het werk in het Uffizi in Florence.

    101#350

  • Het is niet bekend, welk geloof Rembrandt aanhing. Hij mocht in ieder geval verschillende predikanten tot zijn opdrachtgevers rekenen. 261#350

  • Normaal gesproken, werd bij een anatomische les eerst de buik van het lijk geopend om de ingewanden bloot te leggen. Zo niet bij De anatomische les van Rembrandt, daar is alleen de linker onderarm van het lijk ontleed. Dr. Nicolaes Tulp toont op het schilderij de werking van de armspieren aan de chirurgijnen.

    29#350

  • Verbazing, plezier of verdriet - Rembrandt vond het belangrijk om verschillende emoties realistisch weer te geven. Hij trok geregeld gekke bekken in de spiegel om te oefenen.

    326#350

  • Zonder lid te zijn van een gilde was het niet mogelijk om je als zelfstandig kunstenaar te vestigen. Rembrandt werd in 1634 toegelaten tot het Sint Lucasgilde in Amsterdam.

    308#350

  • Rembrandt schilderde De Nachtwacht in opdracht van de Kloveniers voor hun hoofdkwartier in de Nieuwe Doelenstraat. Bij de verhuizing van het schilderij in 1715 naar het Stadhuis op de Dam, werd het werk opgerold en zo over straat vervoerd. Ter plaatse werd het doek ingekort.

    48#350

  • Het carillon van de Zuiderkerk klinkt nog altijd zoals in de tijd van Rembrandt.

    205#350

  • Buurtbewoner Pieter Lastman (1583-1633) was Rembrandts tweede leermeester. Lastman schilderde ut pictura poesis. Wat inhield, dat hij een realistisch verslag schilderde van een gebeurtenis, maar wel om te ontroeren. In Museum Het  Rembrandthuis hangt een aantal van zijn werken.

    271#350

  • Veel kunstenaars maakten in die tijd een inspiratiereis naar Italië. Rembrandt niet, hij bleef in de Noordelijke Nederlanden. De nieuwe Italiaanse trend om ‘naar de natuur’ te werken, leerde hij via etsen en prenten van anderen kennen.

    56#350

  • Rembrandt woonde aan het einde van zijn leven op de Rozengracht. Toen hij dood ging, werd hij om de hoek, in de Westerkerk begraven.

    133#350

  • Rond 1625 werkte Rembrandt in zijn atelier in Leiden met Jan Lievens. Constantijn Huygens, secretaris van de Prins van Oranje was onder de indruk van ‘deze jonge honden’. Zijn waardering was een belangrijke introductie voor de schilders aan het Stadhouderlijk hof.

    317#350

  • De Zwarte dood, zo wordt de pest genoemd. Al vanaf de middeleeuwen heerste deze zeer besmettelijke infectieziekte en maakte door de eeuwen heen veel slachtoffers. Zowel Rembrandts zoon Titus als zijn geliefde Hendrickje gaan er aan dood.

    202#350

  • Naast succesvol historie- en portretschilder, was Rembrandt ook een goede etser. Hij heeft bijna 300 etsen gemaakt. In 1629 had Rembrandt al zijn eigen etspers.

    96#350

  • Na de voltooiing van De Nachtwacht en de dood van zijn vrouw Saskia belandde Rembrandt in een nieuwe fase. Hij nam geen portretopdrachten meer aan, maar ging gretig nieuwe schildertechnieken onderzoeken. 10#350

  • De gegoede burgerij werd in de kerk begraven. In Rembrandts tijd stonk het in kerk bij warm weer enorm naar lijklucht. Rijke stinkerds….

    137#350

  • Iedere dinsdag om half drie bespeelt de beiaardier het carillon van de Zuiderkerk. In Rembrandts tijd was het gebruikelijk om moderne muziek te spelen, zoals Bach en Vivaldi. Tegenwoordig klinkt er ook wel eens ABBA tijdens een carillonconcert.

    148#350

  • Twee jaar na de dood van Rembrandt vertrok zijn dochter Cornelia, 16 jaar oud nog maar, met haar man, schilder Cornelis Schuythof naar Oost-Indië. Zij stierf op 29 jarige leeftijd in Batavia.

    315#350

Alle weetjes 

Optredens van jong talent

Ontdek op het Rembrandt Festival ook de creatieve en veelbelovende talenten van nu, tijdens optredens van jong talent van de Academie voor Theater en Dans en het Conservatorium van Amsterdam. De optredens vinden plaats binnen in de Zuiderkerk, Huis De Pinto en de Academie voor Theater en Dans. Van monoloog tot moderne dans: Rembrandt inspireert nog steeds. Scrol naar beneden voor de linup en tijdschema van de optredens op deze locaties.

Samen De Nachtwacht naschilderen

Wie zelf ook geïnspireerd is door Rembrandt, kan aan de slag met De Nachtwacht. In de Jodenbreestraat kunnen bezoekers van het Rembrandt Festival het beroemde meesterwerk zelf schilderen. De replica zal drie meter breed en ruim twee meter hoog zijn, en iedereen mag meedoen!

NOS spreekt BN’ers en kenners over Rembrandt

Voor een speciaal programma van de NOS gaat Annechien Steenhuizen op het festival in gesprek met museumdirecteuren Lidewij de Koekkoek (Museum Het Rembrandthuis) en Taco Dibbits (Rijksmuseum), die terugblikken op Rembrandts tijdloze impact. Ook vertellen onder andere artiest Marco Borsato, auteur Simone van der Vlugt en fotograaf Carla van de Puttelaar hoe Rembrandt voor hen voortleeft als inspiratiebron. De special ‘NOS: opening Rembrandtjaar’ wordt op 2 februari van 21.35 tot 22.20 uur uitgezonden op NPO1.

Blokkenschema optredens

Academie voor Theater en Dans – Jodenbreestraat 3

12:00 uur – KlassiekMaat Saxophone Quartet: Daniel Lourenço  – sopraan saxofoon (2e jaars bachelor), Catarina Gomes – alt saxofoon (1e jaars master), Pedro Silva – tenor saxofoon (1e jaars master), Mafalda Oliveira – bariton saxofoon (3e jaars bachelor)
12:45 uur – Mime – Niek Vanoosterweyck (3e jaars bachelor)
13:30 uur – Dans – Oliver Wagstaff (2e jaars bachelor), Glinshi Biantama (2e jaars bachelor)
14:00 uur – Toneel / kleinkunstLevi Middendorp (3e jaars bachelor), Marouan Bendehmane (3e jaars bachelor), Luuk Weggemans (2e jaars bachelor)
14:45 uur – Klassiek – Sebastiaan Hageman – gitaar (1e jaars bachelor)
15:30 uur – Dans – Ciro Martin (2e jaars bachelor), Claire de Caluwe (2e jaars bachelor), Evelien Jansen (2e jaars bachelor), Giorgio Lepelblad (3e jaars bachelor), Luc de Raad (3e jaars bachelor) Maxime Abbenhues (3e jaars bachelor), Mees Meeuwsen (3e jaars bachelor)
16:00 uur – Jazz – Mo van der Does – saxofoon (4e jaars bachelor), Tijs Klaassen – bas (afgestudeerd), Wouter Kuhne – drums (4e jaars bachelor)
16:45 uur –  Mime – Nick Deroo (3e jaars bachelor), Sanne Bokkers (3e jaars bachelor)
17:30 uur – Dans – Evelien Jansen (2e jaars bachelor), Giovanni Pisas (4e jaars bachelor)
18:00 uur – Toneel/Kleinkunst – Sebastiaan de Bie (2e jaars bachelor), Karel Konings (2e jaars bachelor)
18:45 uur – Jazz – Ian Cleaver – trompet (3e jaars bachelor), Steven Willem Zwanink – bas (afgestudeerd), Giacomo Camilletti – drums (3e jaars bachelor)
19:30 uur – Klassiek – Lotami Trio: Beatrice Miniaci – dwarsfluit (2e jaars bachelor), Phoebe Tarleton – viool (2e jaars bachelor), Cormac O Briain – cello (3e jaars bachelor)
20:15 uur – Jazz  – Marta Arpini – zang (2e jaars master), Massimo Imperatore – gitaar (2e jaars master), Mauro Cottone – contrabas (2e jaars master), Giacomo Camilletti – drums (3e jaars bachelor)

Extra: Onderzoeksvoorstelling Rembrandt

Een voorstelling waarin studenten van de opleiding Design en Technologie onderzoek doen naar het werk en de ontwikkeling van Rembrandt van Rijn. Hierin zoeken ze de contrasten tussen zijn werk en het werk van anderen uit zijn tijd. Ook onderzoeken ze de contrasten binnen zijn werk.  Dit laten ze zien door middel van spannende combinaties tussen licht, geluid, video en spel. Toegang is gratis maar u moet online kaarten reserveren. Klik op de datum van uw keuze en volg de instructies:

vrijdag 1 februari 21:30
zaterdag 2 februari 20:00

 

Huis De Pinto – Sint Antoniesbreestraat 69

12:00 uur – KlassiekSebastiaan Hageman – gitaar (1e jaars bachelor)
12:45 uur – Toneel/kleinkunst – Ozan Aydogan (1e jaars bachelor), Rosa Stil (1e jaars bachelor)
13:30 uur – Klassiek – Maat Saxophone Quartet: Daniel Lourenço  – sopraan saxofoon (2e jaars bachelor), Catarina Gomes – alt saxofoon (1e jaars master), Pedro Silva – tenor saxofoon (1e jaars master), Mafalda Oliveira – bariton saxofoon (3e jaars bachelor)
14:15 uur – Mime – Niek Vanoosterweyck (3e jaars bachelor)
15:00 uur – Dans – Oliver Wagstaff (2e jaars bachelor), Glinshi Biantama (2e jaars bachelor)
15:30 uur – Toneel/Kleinkunst – Levi Middendorp (3e jaars bachelor), Marouan Bendehmane (3e jaars bachelor), Luuk Weggemans (2e jaars bachelor)
16:15 uur – Dans – Evelien Jansen (2e jaars bachelor), Giovanni Pisas (4e jaars bachelor)
16:45 uur – Klassiek – Lotami Trio: Beatrice Miniaci – dwarsfluit (2e jaars bachelor), Phoebe Tarleton – viool (2e jaars bachelor), Cormac O Briain – cello (3e jaars bachelor)
17:30 uur – Mime – Nick Deroo (3e jaars bachelor), Sanne Bokkers (3e jaars bachelor)
18:15 uur – Klassiek – Emma Roijackers – viool (2e jaars master), Liselot Blomaard – altviool (3e jaars bachelor), Renée Timmer – cello (2e jaars master)
19:00 uur – Toneel/Kleinkunst – Sebastiaan de Bie (2e jaars bachelor), Karel Konings (2e jaars bachelor)
19:45 uur – Klassiek – Esther ten Kate – cello (1e jaars master), Charlotte Gulikers – cello (1e jaars master)
20:30 uur – Mime – Annet de Ruiter (3e jaars bachelor)

 

Zuiderkerk – Zuiderkerkhof 72       

12:00 uur – Klassiek – Esther ten Kate – cello (1e jaars master), Charlotte Gulikers – cello (1e jaars master)
12:45 uur – Toneel/Kleinkunst – Levi Middendorp (3e jaars bachelor), Marouan Bendehmane (3e jaars bachelor), Luuk Weggemans (2e jaars bachelor)
13:30 uur – Klassiek – Sebastiaan Hageman – gitaar (1e jaars bachelor)
14:15 uur – Dans – Ciro Martin (2e jaars bachelor), Claire de Caluwe (2e jaars bachelor) Evelien Jansen (2e jaars bachelor), Giorgio Lepelblad (3e jaars bachelor), Luc de Raad (3e jaars bachelor), Maxime Abbenhues (3e jaars bachelor), Mees Meeuwsen (3e jaars bachelor)
14:45 uur – Jazz – Mo van der Does – saxofoon (4e jaars bachelor),Tijs Klaassen – bas (afgestudeerd),Wouter Kuhne – drums (4e jaars bachelor)
15:30 uur – Klassiek – Maat Saxophone Quartet: Daniel Lourenço  – sopraan saxofoon (2e jaars bachelor), Catarina Gomes – alt saxofoon (1e jaars master), Pedro Silva – tenor saxofoon (1e jaars master), Mafalda Oliveira – bariton saxofoon (3e jaars bachelor)
16:15 uur – Dans – Oliver Wagstaff (2e jaars bachelor), Glinshi Biantama (2e jaars bachelor)
16:45 uur – Toneel/Kleinkunst – Sebastiaan de Bie (2e jaars bachelor), Karel Konings (2e jaars bachelor)
17:30 uur – Jazz – Marta Arpini – zang (2e jaars master), Massimo Imperatore – gitaar (2e jaars master), Mauro Cottone – contrabas (2e jaars master), Giacomo Camilletti – drums (3e jaars bachelor)
18:15 uur – Klassiek – Lotami Trio: Beatrice Miniaci – dwarsfluit (2e jaars bachelor), Phoebe Tarleton – viool (2e jaars bachelor), Cormac O Briain – cello (3e jaars bachelor)
19:00 uur – Dans – Evelien Jansen (2e jaars bachelor), Giovanni Pisas (4e jaars bachelor)
19:30 uur – Jazz – Ian Cleaver – trompet (3e jaars bachelor), Steven Willem Zwanink – bas (afgestudeerd), Giacomo Camilletti – drums (3e jaars bachelor)
20:15 uur – Klassiek – Emma Roijackers – viool (2e jaars master), Liselot Blomaard – altviool (3e jaars bachelor), Renée Timmer – cello (2e jaars master)